Sinds, vanaf ou van

Sinds, vanaf et van signifient tous depuis. Quand faut-il utiliser chaque mot ?

Moment précis
le passé
 

le présent et le futur
Moment relatif
2002 2050 14 jaar
sinds
vanaf
van...tot
Sinds
Moment précis ( le passé):
Sinds 2002
Suzanne woont sinds 2002 in Groningen.
Sinds augustus heeft het niet meer geregend.
Moment relatif ( le passé):
14 jaar lang
Eva is sinds 14 jaar lid van een tennisclub.
Ze is sinds twee weken gestopt met roken.
Vanaf
Moment précis ( le passé):
Vanaf 2002
Suzanne woont vanaf 2002 in Groningen.
Vanaf augustus heeft het niet meer geregend.
Moment précis ( le présent et le futur):
Vanaf 2050
Vanaf 2050 zal er een directe trein rijden tussen Amsterdam en Madrid.
Ze zal vanaf nu bij de concurrent werken.
Van ... tot (toujours utilisé avec tot)
Moments précis ( le passé):
Van 2002 tot 2014
Tom werkte van 2002 tot 2014 bij de Nederlandse Spoorwegen.
Ze zat van haar zesde tot haar twaalfde op deze school.
Moments précis ( le présent et le futur):
Van 2002 tot 2050
Van 2002 tot 2050 zal de temperatuur globaal 2°C stijgen.
Dit oude gebouw zal van 2026 tot 2028 dicht zijn vanwege een grote verbouwing.
Een klein meisje loopt naar haar auto.
Lotje rijdt al auto vanaf haar zevende en heeft sinds vier maanden haar eigen auto. In 2029 wil ze haar rijbewijs halen en vanaf die tijd zal ze legaal rijden.

Leeftijden:

Leeftijden zijn absoluut, dus de volgende zinnen zijn correct:
  • Hij rijdt paard sinds/vanaf zijn veertiende.
  • Vanaf 18 jaar mag je alcohol drinken.
  • Dit boek is voor kinderen van 6 tot 9 jaar.